Wij van het Centrum voor Integrale Geneeskunde zijn op zich blij met de waarschuwingen in de media ten aanzien van onverantwoord gebruik van anti-oxidanten; dezelfde boodschap die wij ook al jaren onze cliënten voorhouden. Als iets echter een mediahype wordt, dreigen zaken uit hun verband gerukt te worden en is het tijd voor een paar kritische kanttekeningen. Wij kregen al telefoontjes van ongeruste mensen die denken dat wat voor anti-oxidanten geldt meteen wel voor alle voedingssupplementen zal gelden, hetgeen zeker niet het geval is. Andere mensen, die tijdelijk anti-oxidanten gebruikten, hebben wij gerust kunnen stellen dat zij niet opeens een verhoogd gevaar lopen op kanker.
Het zit zo: anti-oxidanten worden in ons lichaam gebruikt om vrije radicalen, reactieve zuurstofdeeltjes, die mogelijk schade aan celstructuren en DNA kunnen aanrichten onschadelijk te maken. De meeste anti-oxidanten worden door ons eigen lichaam geproduceerd. Een deel van de benodigde anti-oxidanten krijgen wij via de voeding binnen. Met name groenten en fruit, maar ook producten als thee en cacao bevatten veel anti-oxidanten. Bekende anti-oxidanten zijn vitamine C en E, bèta caroteen en co-enzym Q10. Minder bekend zijn de polyfenolen, waaronder de flavonoiden, stofjes die in veel soorten plantaardig voedsel voorkomen.
Vrije radicalen zijn echter niet alleen maar schadelijk; ons lichaam gebruikt vrije radicalen ook om bepaalde micro-organismen uit te schakelen. Het is van belang dat ons lichaam een goede balans weet te handhaven tussen vrije radicalen enerzijds en anti-oxidanten anderzijds. Wat wij daar zelf aan kunnen bijdragen is veel bewegen en zorgen voor voldoende groenten en fruit in de voeding, aangevuld met voedingsmiddelen als (groene) thee en cacao en wijn (met mate). Veel bewegen zorgt ervoor dat ons lichaam meer anti-oxidanten gaat aanmaken en genoemde voedingsmiddelen verhogen het aandeel anti-oxidanten in de voeding. Blootstelling aan UV-straling en bepaalde stoffen zoals sigarettenrook verhogen het gehalte aan vrije radicalen en dienen daarom beperkt te worden. Doorgaans zorgen deze maatregelen voor een gezonde balans. Het langdurig slikken van extra anti-oxidanten is dan onnodig en mogelijk zelfs schadelijk.
Voor de schadelijkheid van het slikken van bepaalde anti-oxidanten zijn er een paar aanwijzingen. De bekendste is de uitkomst van een groot onderzoek onder rokers in Finland die bèta-caroteen slikten; zij bleken iets vaker longkanker te krijgen dan degenen die dat niet deden. Verder was er een groot onderzoek onder niet-rokers waaruit bleek dat er onder langdurige anti-oxidantslikkers (het betrof hier vit. E, A en bèta-caroteen ) een iets verhoogde kans was om te overlijden dan onder niet slikkers. Dat bleek vooral bij oude en zieke mensen zo te zijn. Al met al waren dat geen erg alarmerende cijfers, maar als er geen goede reden is om anti-oxidanten te slikken zou je geen onnodig risico willen lopen. De conclusie is in ieder geval dat je niet zomaar langdurig anti-oxidanten moet slikken omdat het misschien wel goed is en toch geen kwaad kan.
Er zijn echter ook omstandigheden waarbij anti-oxidanten nuttig zijn gebleken bij behandeling of preventie van bepaalde aandoeningen, zoals ouderdoms gerelateerde macula degeneratie (een bepaalde netvliesafwijking) of bepaalde degeneratieve afwijkingen aan het zenuwstelsel. Als een patiënt een dergelijke aandoening heeft kan afgewogen worden of het te verwachten nut opweegt tegen eventuele ongewenste effecten. Ook kan bij de behandeling van bepaalde vormen van onvruchtbaarheid bij de man de kwaliteit van het zaad verbeteren door tijdelijk bepaalde anti-oxidanten te nemen. Ook het tijdelijk gebruik in periodes waarin de opname van anti-oxidanten via de voeding om wat voor reden dan ook verlaagd is kan gerechtvaardigd zijn.
Kortom, er zijn situaties waarin het gebruik van anti-oxidanten nuttig kan zijn. Per individueel geval zal bekeken moeten worden of dat zo is. Er dient dan ook goed overwogen te worden in welke combinatie, welke dosis en voor hoelang ze genomen kunnen worden. Daarmee zijn anti-oxidanten dus minder geschikt voor zelfmedicatie; patiënten dienen zich door een deskundige te laten voorlichten. Zeker zijn anti-oxidanten géén vervanging voor goede voeding.